ECLI:NL:CRVB:1999:AA8754
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.G. Treffers
- G.L.M.J. Stevens
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit over nabestaandenpensioen volgens Algemene militaire pensioenwet
Appellante, weduwe van C, stelt zich op het standpunt dat zij recht heeft op nabestaandenpensioen na het overlijden van haar echtgenoot. C was militair en kreeg een pensioen toegekend op basis van een geldige diensttijd die volgens artikel D 1, vierde lid, van de Algemene militaire pensioenwet eindigde op 13 augustus 1987. Het pensioenfonds besloot dat alleen de voormalige echtgenote D recht heeft op bijzonder nabestaandenpensioen, niet appellante.
De rechtbank had dit besluit bevestigd en de Centrale Raad van Beroep heeft dit oordeel eveneens bekrachtigd. De Raad stelt vast dat het besluit in overeenstemming is met de toepasselijke wettelijke voorschriften en dat er geen gronden zijn voor vernietiging. Appellante voerde aan dat het besluit strijdig is met internationale verdragen, waaronder het EVRM en het EG-Verdrag, met name op het punt van gelijke behandeling en respect voor familieleven.
De Raad verwierp deze beroepen omdat het onderscheid in de wet niet gebaseerd is op geslacht, en de pensioenregeling niet in strijd is met het recht op familieleven of eigendom. De Raad oordeelde dat appellante bij haar huwelijk geen uitzicht kon hebben op het nabestaandenpensioen. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd zonder toekenning van proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit dat appellante geen recht heeft op nabestaandenpensioen.