ECLI:NL:CRVB:1999:AA4184
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.A.A.G. Vermeulen
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- J.H. van Kreveld
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt terugvordering wachtgeld wegens onduidelijkheid over onverschuldigde betaling
De zaak betreft een hoger beroep van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen tegen een uitspraak van de Arrondissementsrechtbank Haarlem over terugvordering van wachtgeld aan een ontslagen docent die ook als zelfstandig fysiotherapeut werkte.
De Minister had besloten om onverschuldigd betaalde wachtgelden over 1994 en 1995 terug te vorderen, maar de rechtbank verklaarde het beroep van de gedaagde gegrond en vernietigde het besluit. De Centrale Raad bevestigt dit oordeel, omdat gedaagde pas na ontvangst van het besluit van 5 december 1995 kon begrijpen dat hij teveel had ontvangen.
De Raad oordeelt dat appellant onvoldoende tijdig nadere informatie heeft gevraagd over de omvang van de inkomsten van gedaagde, terwijl gedaagde de omvang van zijn werkzaamheden en inkomsten voldoende had gemeld. Hierdoor kon gedaagde niet redelijkerwijs weten dat hij teveel wachtgeld ontving.
Het primaire besluit van 5 december 1995 wordt eveneens vernietigd en de Minister wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan gedaagde. Tevens wordt griffierecht geheven van de Staat der Nederlanden.
Uitkomst: Het besluit tot terugvordering van onverschuldigd betaalde wachtgelden wordt vernietigd omdat gedaagde niet redelijkerwijs kon weten dat hij teveel had ontvangen.