ECLI:NL:CRVB:1998:AA8574
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.F.M. Brenninkmeijer
- G.P.A.M. Garvelink-Jonkers
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van malusbesluiten ondanks inconsistentie in uitvoering en schending gelijkheidsbeginsel
Deze zaak betreft hoger beroep tegen diverse uitspraken waarbij besluiten tot het opleggen van een geldelijke bijdrage (malus) ingevolge artikel 59i van de Algemene Arbeidsongeschiktheidswet (AAW) aan werkgevers zijn vernietigd. De appellant, het Landelijk instituut sociale verzekeringen (Lisv), trad in de plaats van de betrokken bedrijfsverenigingen en voerde aan dat het belang van rechtszekerheid zwaarder woog dan een uniforme uitvoering van de malusregeling.
De Raad constateert dat de besturen van drie bedrijfsverenigingen een tegenwettelijk beleid voerden door malusbesluiten niet ongedaan te maken na vernietiging door de rechter. Dit leidde tot ongelijke behandeling van werkgevers en een diversiteit in de uitvoering van de malusregeling. Uit een Quick scan bleek dat de uitvoering van de malusregeling sterk varieerde, met gebrekkige rapportages, onvoldoende motivering en onvoldoende hoor en wederhoor.
De Raad oordeelt dat de door appellant gemaakte keuze om het tegenwettelijke beleid niet ongedaan te maken, en de onvoldoende coördinatie en handhaving van uniforme uitvoering, in strijd is met het verbod van willekeur zoals neergelegd in artikel 3:4 Awb Pro. Desondanks zijn de bestreden besluiten zelf niet onrechtmatig en kunnen de ingestelde hoger beroepen niet slagen.
De Raad bevestigt daarom de aangevallen uitspraken en veroordeelt appellant in de proceskosten. Tevens wordt een recht geheven voor de behandeling van de zaken. De uitspraak onderstreept het belang van een uniforme en zorgvuldige uitvoering van bestuursrechtelijke regelingen en het respecteren van het gelijkheidsbeginsel.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraken en wijst de ingestelde hoger beroepen af.