ECLI:NL:CRVB:1997:ZB7242
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- Ch. de Vrey
- G.L.M.J. Stevens
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt besluit alcoholverbod marine-sergeant wegens onontvankelijkheid bezwaar
Appellant, een sergeant der Koninklijke Marine, kreeg op 9 december 1994 een tuchtstraf en een alcoholverbod opgelegd door zijn commandant vanwege dronkenschap aan boord van een marineschip. Het alcoholverbod verbood hem gedurende een week alcohol te gebruiken en anderen om hem alcohol te verstrekken. Appellant stelde administratief beroep in tegen dit verbod, maar dit werd door de Staatssecretaris van Defensie niet-ontvankelijk verklaard omdat het zou gaan om een dienstbevel en niet om een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de commandant als bestuursorgaan moet worden gezien en dat het alcoholverbod een besluit met extern rechtsgevolg is, omdat het ingrijpt in de rechtspositie van appellant en diens grondrechten beperkt. Daarom had het bezwaar niet niet-ontvankelijk verklaard mogen worden.
De Raad vernietigde het besluit van 14 juli 1995 en de uitspraak van de rechtbank die dit bevestigde. De zaak wordt terugverwezen zodat de Staatssecretaris een nieuw besluit kan nemen op het administratief beroep. Tevens werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellant.
Uitkomst: Het alcoholverbod is een besluit met extern rechtsgevolg; het bezwaar mocht niet niet-ontvankelijk worden verklaard; het besluit wordt vernietigd en de zaak terugverwezen.