ECLI:NL:CRVB:1997:BJ5621
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- W.D.M. van Diepenbeek
- Th.G.M. Simons
- Rechtspraak.nl
Ontslag ambtenaar bouw- en woningtoezicht wegens plichtsverzuim door onrechtmatige nevenwerkzaamheden
Appellant was ambtenaar bouw- en woningtoezicht en verrichtte daarnaast zonder toestemming op grote schaal tegen betaling architectwerkzaamheden voor derden binnen de gemeente. Na een klacht en een forensisch onderzoek concludeerde de gemeente dat appellant plichtsverzuim pleegde door deze nevenactiviteiten en het beoordelen van bouwaanvragen waarbij hij zelf betrokken was.
De gemeente legde appellant een disciplinaire maatregel van ongevraagd ontslag op wegens overtreding van ambtsplichten. Appellant voerde in hoger beroep aan dat er sprake was van een onduidelijke gedoogsituatie en dat het ontslag onredelijk was. Ook betwistte hij de beschuldigingen over het bewust onjuist adviseren bij bouwaanvragen.
De Raad stelde vast dat appellant zonder toestemming architectwerkzaamheden verrichtte en handelde in strijd met het Algemeen Ambtenarenreglement en gemeentelijke instructies. Er was geen sprake van een gedoogsituatie. Gelet op de ernst en duur van het plichtsverzuim was het ontslag niet onevenredig. De Raad verwierp alle grieven en bevestigde het ontslagbesluit.
Uitkomst: Het ontslag van de ambtenaar wegens plichtsverzuim door het zonder toestemming verrichten van betaalde architectwerkzaamheden wordt bevestigd.