ECLI:NL:CRVB:1995:AK5987
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening buitenfunctiestelling en ontslag ambtenaar na publicatie boek over corruptie politie
Appellant, een hoofdagent bij de gemeentepolitie Amsterdam, werd buiten functie gesteld en later ontslagen wegens vermeende schending van het ambtsgeheim door publicatie van het boek "Sans Rancune" waarin corruptiezaken binnen het bureau Warmoesstraat werden beschreven. De buitenfunctiestelling werd aanvankelijk gerechtvaardigd als tijdelijke maatregel in afwachting van schorsing.
De Raad oordeelt dat de buitenfunctiestelling bedoeld is voor korte periodes en dat voortzetting na ruim drie maanden niet meer gerechtvaardigd is. Het ontslag wegens ongeschiktheid wordt niet in stand gehouden omdat appellant zijn ambtsgeheim niet in die mate heeft geschonden dat het functioneren van de openbare dienst onaanvaardbaar werd aangetast. De beschrijvingen in het boek zijn grotendeels gebaseerd op eigen ervaringen en de problematiek van corruptie binnen het korps werd door de leiding erkend.
Daarnaast wordt vastgesteld dat de weigering tot opheffing van de buitenfunctiestelling onterecht was en dat het besluit over wachtgeld niet in stand kan blijven. De Raad bevestigt het oordeel dat appellant geen aanspraak kan maken op vergoeding van kosten juridische bijstand over een eerdere procedure. Het verzoek tot schadevergoeding wordt heropend omdat de omvang en aanspraak nog niet met zekerheid kunnen worden vastgesteld.
De Raad veroordeelt de gemeente Amsterdam in de proceskosten en bepaalt dat het onderzoek naar schadevergoeding wordt voortgezet onder toezicht van de voorzitter.
Uitkomst: De Raad vernietigt het besluit tot voortzetting van de buitenfunctiestelling en het ontslag, bevestigt overige onderdelen en heropent het onderzoek naar schadevergoeding.