ECLI:NL:CRVB:1994:ZB5107
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H. Bekker
- H.A.A.G. Vermeulen
- W.D.M. van Diepenbeek
- Rechtspraak.nl
Niet redelijke belangenafweging bij langdurige waarneming ambtenaar zonder definitieve benoeming
Eiser was sinds 1 december 1986 belast met de waarneming van de functie van zijn directe chef binnen de dienst Y. en ontving daarvoor een waarnemingstoelage. Ondanks meerdere verzoeken tot bevordering en definitieve benoeming in de hogere schaal 9, werd dit geweigerd vanwege voorgenomen reorganisatieplannen die de functie mogelijk zouden doen vervallen.
De Raad stelt vast dat de reorganisatieplannen niet werden afgerond en zelfs werden vervangen door nieuwe plannen die eveneens niet werden geëffectueerd. Hierdoor bleef de situatie van langdurige waarneming voortduren zonder definitieve besluitvorming.
De Raad oordeelt dat het bestreden besluit niet berust op een redelijke belangenafweging. Er is te veel gewicht toegekend aan de reorganisatieplannen en te weinig aan het belang van eiser bij een definitieve benoeming. Het besluit wordt daarom nietig verklaard en gedaagde wordt veroordeeld tot het nemen van een nieuw besluit met inachtneming van deze overwegingen.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt nietig verklaard en gedaagde dient een nieuw besluit te nemen met een redelijke belangenafweging.