ECLI:NL:CBB:2026:115
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens termijnoverschrijding afgewezen
De onderneming heeft verzet ingesteld tegen een eerdere uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven waarin haar beroep tegen een besluit van de minister van Economische Zaken en Klimaat ongegrond werd verklaard. Het oorspronkelijke besluit verklaarde het bezwaar van de onderneming niet-ontvankelijk wegens niet-verschoonbare overschrijding van de bezwaartermijn.
De onderneming voerde aan dat zij in eerste instantie onjuist had begrepen dat haar aanvraag om subsidie was afgewezen omdat zij niet was ingeschreven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel op de peildatum. Pas later werd duidelijk dat de afwijzing was gebaseerd op het feit dat de hoofdactiviteit van de onderneming niet binnen de SBI-codes van de subsidie viel. De onderneming stelde dat deze onjuiste interpretatie niet aan haar kon worden toegerekend vanwege een onvoldoende duidelijke motivering van het besluit.
Het College oordeelde echter dat de motivering van het besluit helder was en dat de onderneming had kunnen begrijpen dat de afwijzing niet gebaseerd was op het ontbreken van inschrijving, maar op de SBI-code. De termijnoverschrijding was daarom niet verschoonbaar en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard. Het verzet werd ongegrond verklaard en de zaak werd daarmee definitief afgesloten.
Uitkomst: Het verzet van de onderneming tegen de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wegens termijnoverschrijding is ongegrond verklaard.