De onderneming heeft subsidie aangevraagd op grond van de Regeling tegemoetkoming energiekosten (TEK), bedoeld voor energie-intensieve mkb-ondernemingen. De minister wees de aanvraag af omdat de energie-intensiteit van de groep werd berekend op 6,55%, onder de vereiste 7%.
De onderneming betoogde dat de minister onjuist te werk ging door het energieverbruik van twee bedrijven zonder volledig zakelijk energieleveringscontract buiten beschouwing te laten, terwijl de omzet van deze bedrijven wel werd meegerekend. Dit leidde tot een lagere energie-intensiteit dan gerechtvaardigd.
Het College oordeelde dat deze berekeningswijze in deze specifieke omstandigheden een onevenwichtigheid oplevert die in strijd is met het evenredigheidsbeginsel. Het College vernietigde het besluit en beval de minister binnen 12 weken een nieuwe beslissing op bezwaar te nemen, waarbij de bedrijven zonder volledig zakelijk energieleveringscontract zowel in energieverbruik als omzet buiten beschouwing moeten worden gelaten.