ECLI:NL:CBB:2025:377
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid tot invordering verbeurde dwangsom niet verjaard volgens College van Beroep
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat legde een last onder dwangsom op aan een onderneming wegens het ontbreken van een goedgekeurde boordcomputer in een taxi, conform artikel 79 van Pro het Besluit personenvervoer 2000. Na constatering door een inspecteur en het opmaken van een proces-verbaal werd een dwangsom van €3.000,- opgelegd en ingevorderd.
De onderneming stelde dat de bevoegdheid tot invordering was verjaard, omdat de verjaringstermijn volgens haar aanving de dag na oplegging van de last onder dwangsom. Zij verwees hierbij naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De staatssecretaris betoogde dat de verjaringstermijn pas begint na het verbeuren van de dwangsom, zoals bepaald in artikel 5:35, eerste lid, Awb.
Het College van Beroep oordeelde dat de verjaringstermijn inderdaad aanvangt na het verbeuren van de dwangsom. De aangehaalde uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak betrof een andere situatie, namelijk een last gericht op beëindiging van een doorlopende overtreding, wat hier niet van toepassing is. Daarom werd het beroep van de onderneming ongegrond verklaard en hoefde de staatssecretaris geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen het invorderingsbesluit is ongegrond verklaard omdat de bevoegdheid tot invordering niet is verjaard.