ECLI:NL:CBB:2025:164
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over subsidie vaste lasten financiering COVID-19 en margeregeling omzet
De onderneming stelde beroep in tegen het besluit van de minister van Economische Zaken waarbij bezwaar tegen het vaststellingsbesluit van juni 2021 werd afgewezen. Dit besluit betrof de vaststelling van de subsidie op grond van de Tegemoetkoming Vaste Lasten (TVL) voor het vierde kwartaal van 2020 en de terugvordering van een te veel betaald voorschot.
Een deel van de omzet van de onderneming viel onder de margeregeling, een bijzondere btw-regeling voor handelaren in sieraden. Hierdoor kon de omzet niet eenvoudig worden bepaald op basis van de btw-aangifte. De minister vroeg de administratie op en gaf meerdere kansen om duidelijke omzetgegevens aan te leveren, maar de onderneming slaagde hier niet in.
Tijdens de zitting gaf de vertegenwoordiger van de onderneming aan dat het vanwege het overlijden van zijn echtgenote, die de onderneming dreef, niet mogelijk was alsnog de gevraagde gegevens te overleggen. Hij accepteerde het bestreden besluit en stemde in met betaling van het verschuldigde bedrag in twee termijnen, waarmee de minister akkoord ging.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de terugvordering van de subsidie TVL wordt ongegrond verklaard.