Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
Rechter: mr. B. Bastein
Partijen
Beslissing
Overwegingen
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 8 oktober 2024.
College van Beroep voor het bedrijfsleven
De ondernemer ondervond problemen bij het aanvragen van de subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor zijn andere onderneming, een vennootschap onder firma (VOF) met twee bedrijfsactiviteiten. Omdat het systeem van de TVL geen gecombineerde aanvraag voor beide activiteiten op hetzelfde KvK-nummer toeliet, diende hij een aanvraag in op het KvK-nummer van een andere onderneming met omzetgegevens van slechts één bedrijfsactiviteit van de VOF.
Het College oordeelde dat deze wijze van aanvraag niet in het systeem van de TVL past en geen rechtvaardiging vormt voor het verlenen van subsidie. De minister had de subsidie voor het eerste kwartaal van 2021 terecht vastgesteld op nul euro.
Verder bleek uit de feiten dat de ondernemer voor latere kwartalen wel in staat was om op het juiste KvK-nummer van de VOF aanvragen in te dienen voor beide bedrijfsactiviteiten, wat aantoont dat het probleem op een andere juiste wijze opgelost had kunnen worden.
Daarom verklaarde het College het beroep ongegrond en bevestigde de afwijzing van de subsidieaanvraag.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de subsidie wordt vastgesteld op nul euro.