ECLI:NL:CBB:2024:610
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig ingediend beroepschrift tegen subsidiebesluit COVID-19
In deze zaak staat centraal of de ondernemer tijdig beroep heeft ingesteld tegen het besluit van de minister van Economische Zaken van 2 december 2022 inzake de regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19.
De ondernemer stelt dat hij op 2 januari 2023 een bezwaarschrift heeft verzonden naar de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Op 6 maart 2023 heeft zijn gemachtigde een beroepschrift ingediend bij het College, verwijzend naar het eerder ingediende bezwaarschrift en stellende dat de minister dit had moeten doorsturen. De minister heeft echter verklaard het bezwaarschrift niet te hebben ontvangen.
Het College oordeelt dat het beroepschrift van de gemachtigde na de beroepstermijn is ingediend en dat de ondernemer onvoldoende bewijs heeft geleverd dat het bezwaarschrift daadwerkelijk is verzonden. Het ontbreken van een aangetekende verzending en de onvoldoende onderbouwing van de vermeende verzending door de vriendin van de ondernemer leiden tot de conclusie dat het beroep niet-ontvankelijk is.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het te laat indienen van het beroepschrift en het ontbreken van bewijs van verzending van het bezwaarschrift.