ECLI:NL:CBB:2024:283

College van Beroep voor het bedrijfsleven

Datum uitspraak
25 maart 2024
Publicatiedatum
18 april 2024
Zaaknummer
23/1354
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Proces-verbaal
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens te late indiening bij subsidie vaste lasten COVID-19

De ondernemer diende bezwaar in tegen een besluit van 11 oktober 2022 betreffende de regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19. De minister verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat het te laat was ingediend. Zowel in bezwaar als in beroep heeft de ondernemer geen reden gegeven voor de te late indiening.

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigt de beslissing van de minister en verklaart het beroep ongegrond. De kern van de uitspraak is dat het niet voldoen aan de termijn voor bezwaar zonder geldige reden leidt tot niet-ontvankelijkheid.

Deze uitspraak benadrukt het belang van tijdige bezwaarindiening en het verstrekken van een geldige reden bij overschrijding van termijnen binnen bestuursrechtelijke procedures.

Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard omdat het bezwaar te laat en zonder geldige reden is ingediend.

Uitspraak

proces-verbaal uitspraak

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN

zaaknummer: 23/1354
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 maart 2024
Raadsheer: mr. B. Bastein
Griffier: mr. F. Willems

Partijen

[naam 1], handelend onder de naam
[naam 2], te [plaats] (ondernemer),
en
de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. H.G.M. Wammes

Beslissing

Het College verklaart het beroep ongegrond.

Overwegingen

1. De minister heeft met het besluit van 22 mei 2023 het bezwaar van de ondernemer tegen het besluit van 11 oktober 2022 niet-ontvankelijk verklaard, omdat het bezwaar te laat is ingediend.
2 De ondernemer heeft zowel in bezwaar als in beroep geen reden gegeven voor de te late indiening van het bezwaar. De minister heeft daarom het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
w.g. B. Bastein w.g. F. Willems