Uitspraak
2.Standpunt van de onderneming
3.3. Standpunt van de minister
Ten onrechte niet gehoord in bezwaar
‘De zitting wordt niet verplaatst tenzij u de ingebrekestellingen in alle drie bovengenoemde zaken intrekt.’Toen de onderneming nogmaals vroeg de hoorzitting te verplaatsen, antwoorde de minister:
‘De zitting wordt niet verplaatst tenzij u alle drie ingebrekestellingen intrekt.’Op 26 april 2022 heeft verweerder het bestreden besluit 1 genomen, zonder de onderneming te horen. De minister heeft het bezwaar ongegrond verklaard met toepassing van artikel 7:3, onder c, van de Awb.
Definitie overheidsbedrijf
Exceptieve toetsing uitsluiting gemeentelijke theaterondernemingen
Overige beroepsgronden
Finale geschilbeslechting
De beroepen zijn gegrond. Het College vernietigt de bestreden besluiten en draagt de minister op om binnen zes weken opnieuw op de bezwaren te beslissen.
Het College veroordeelt de minister in de door de onderneminggemaakte proceskosten. Deze kosten stelt het College op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb) voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op
- verklaart de beroepen gegrond;
- vernietigt de bestreden besluiten;
- draagt de minister op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak nieuwe besluiten te nemen op de bezwaren met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt de minister op het betaalde griffierecht van in totaal € 1.460,- (4 keer