ECLI:NL:CBB:2020:818
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van bezwaar tegen ontbinding Kamer van Koophandel wegens termijnoverschrijding
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van de Kamer van Koophandel tot ontbinding op grond van artikel 2:19a, vierde lid, van het Burgerlijk Wetboek. Dit bezwaar is echter niet binnen de wettelijke termijn ingediend, wat door appellante niet wordt betwist.
Appellante stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat zij niet begreep dat het besluit tot ontbinding en niet tot deregistratie leidde, en dat zij pas na duidelijkheid over faillissementen van haar deelnemingen bezwaar maakte. Het College oordeelde dat deze omstandigheden geen reden zijn voor verschoonbaarheid, aangezien de bezwaartermijn de rechtszekerheid waarborgt en alleen in uitzonderlijke gevallen kan worden afgeweken.
Het College benadrukte dat het op de weg van appellante lag om tijdig advies in te winnen en eventueel een pro forma bezwaarschrift in te dienen. De vergelijking die appellante maakte tussen haar termijnoverschrijding en de termijn voor het indienen van een verweerschrift door verweerster werd verworpen. Daarom is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard en is het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard omdat het bezwaar te laat is ingediend en deze termijnoverschrijding niet verschoonbaar is.