ECLI:NL:CBB:2020:554
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet tijdig betalen griffierecht ongegrond verklaard
Appellante, een pluimveebedrijf, had namens 92 pluimveehouders beroep ingesteld tegen beslissingen over een diergezondheidsheffing. Een deel van deze beroepen werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet of niet tijdig was betaald. Het College had dit eerder bevestigd in een uitspraak van 12 november 2019.
De gemachtigde van appellante voerde in het verzet aan dat er veel communicatie was geweest met de griffie om de zaken efficiënt af te handelen, vooral in de vakantieperiode, maar dat het op het laatste moment bleek dat dit niet geregeld kon worden. Hierdoor konden niet alle griffierechten tijdig worden betaald.
Het College oordeelde dat appellante tijdig was herinnerd aan de betalingstermijn en dat er geen verschoonbare reden was voor het niet tijdig betalen van het griffierecht. Ondanks het grote aantal beroepen blijft het de verantwoordelijkheid van appellante om het griffierecht tijdig te voldoen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring wegens niet tijdige betaling van het griffierecht is ongegrond verklaard.