ECLI:NL:CBB:2020:476
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
Appellante, een pluimveehouder, had bezwaar gemaakt tegen een besluit van de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding. Het College van Beroep voor het bedrijfsleven verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond. Vervolgens deed appellante verzet tegen deze uitspraak.
Tijdens de zitting werd toegelicht dat de termijnoverschrijding het gevolg was van het late aanleveren van informatie door appellante aan haar gemachtigde, waardoor het bezwaarschrift niet tijdig kon worden ingediend. Ondanks de financiële impact van het besluit op appellante, oordeelde het College dat de huidige wetgeving onvoldoende ruimte biedt voor onvoorziene omstandigheden.
Het College stelde vast dat het bezwaarschrift niet tijdig was ingediend; de uiterste dag was 24 mei 2019, terwijl het bezwaarschrift op 28 mei 2019 werd ontvangen. Appellante slaagde er niet in te bewijzen dat het bezwaarschrift tijdig ter post was bezorgd. De enkele stelling van de gemachtigde dat een faxpoging op 24 mei was mislukt en het bezwaarschrift daarna in een al gelichte brievenbus was gedeponeerd, was onvoldoende. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard en bleef de niet-ontvankelijkverklaring in stand.
Uitkomst: Het verzet wordt ongegrond verklaard vanwege niet tijdige indiening en onvoldoende bewijs van terpostbezorging.