ECLI:NL:CBB:2017:8
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid van bezwaar tegen retributiefactuur NVWA bevestigd
Appellante diende namens een onderneming een aanvraag in bij de NVWA voor beoordeling van een certificaattekst voor export van paarden. De NVWA bracht een retributie in rekening van € 661,87 en verzond een factuur op 11 september 2015. Appellante maakte bezwaar tegen deze factuur, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het buiten de wettelijke termijn van zes weken was ingediend.
Appellante voerde aan dat het onmogelijk was om tijdig bezwaar te maken omdat de NVWA pas na betaling de aanvraag in behandeling nam en dat zij werd geadviseerd pro forma bezwaar te maken. Het College oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was omdat de factuur tijdig was verzonden, de rechtsmiddelenclausule duidelijk was en de verschuldigdheid van de retributie los stond van de uitkomst van de beoordeling.
Het College benadrukte dat pro forma bezwaar bedoeld is om inhoudelijke bezwaargronden later aan te vullen en dat appellante behoorde te weten dat zij binnen zes weken bezwaar moest maken. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep is ongegrond verklaard en het bezwaar terecht niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding.