ECLI:NL:CBB:2015:429
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen last onder dwangsom wegens onvoldoende toezicht op reinigings- en ontsmettingsplaats
Appellante exploiteert een slachthuis met een erkende reinigings- en ontsmettingsplaats (R&O-plaats). Verweerder legde haar een last onder dwangsom op wegens het niet naleven van artikel 28 van Pro de Regeling preventie, bestrijding en monitoring van besmettelijke dierziekten en zoönosen en TSE’s, vanwege onvoldoende toezicht op de reiniging en ontsmetting van veewagens.
Na meerdere controles constateerde verweerder dat op diverse momenten geen toezicht werd gehouden op de reiniging en ontsmetting van voertuigen, terwijl dit volgens de Regeling verplicht is. Appellante voerde aan dat zij beschikte over een goed functionerende ontsmettingsinstallatie en dat de chauffeurs schriftelijke instructies hadden om de reiniging correct uit te voeren, maar erkende dat er geen toezicht was tijdens de reiniging.
Het College oordeelde dat appellante verantwoordelijk is voor het toezicht en dat het ontbreken daarvan een overtreding van artikel 28, eerste lid, onder b, van de Regeling vormt. Ook de invordering van de dwangsom wegens deze overtreding werd door het College bevestigd. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom en de invordering daarvan wordt ongegrond verklaard.