ECLI:NL:CBB:2014:343
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- M.M. Smorenburg
- M. Munsterman
- B. Hessel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling motivering handhavingsbeleid en steekproefsgewijze controles Tabakswet
De zaak betreft het hoger beroep van de minister van Volksgezondheid tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die een boete van €1.200,- wegens overtreding van het rookverbod in een horecabedrijf vernietigde vanwege een motiveringsgebrek. De inspectie vond plaats op 15 september 2011, waarbij werd vastgesteld dat er in het horecabedrijf werd gerookt en onvoldoende maatregelen waren getroffen om werknemers te beschermen.
De rechtbank oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom alleen dit horecabedrijf was beboet terwijl in veel andere gelegenheden in dezelfde plaats ook werd gerookt zonder handhaving, wat aanleiding gaf tot mogelijke willekeur en concurrentievervalsing. De minister stelde dat controles steekproefsgewijs plaatsvinden en dat hercontroles plaatsvinden bij eerdere overtreders, maar dit werd door de rechtbank als onvoldoende gemotiveerd beschouwd.
In hoger beroep bevestigt het College dat het besluit aan een motiveringsgebrek leidt omdat de minister niet adequaat heeft toegelicht hoe het handhavingsbeleid in zijn algemeenheid is vormgegeven en waarom de steekproefsgewijze controles en hercontroles niet willekeurig zijn. Het College bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er is geen aanleiding voor vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd op 10 september 2014 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het College bevestigt dat het besluit van de minister onvoldoende gemotiveerd was en verklaart het hoger beroep ongegrond.