ECLI:NL:CBB:2014:307
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen besluit bedrijfstoeslagregeling 2010 inzake subsidiabele oppervlakte en vergoeding griffierecht
Appellante heeft beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Economische Zaken inzake de bedrijfstoeslagregeling 2010. Het geschil betrof de vaststelling van subsidiabele oppervlaktes van landbouwpercelen, met name perceel 14 dat aanvankelijk als berm en niet-subsidiabel werd aangemerkt.
Na herziening van het primaire besluit werd perceel 14 alsnog als subsidiabel erkend en de bedrijfstoeslag verhoogd. Appellante stemde in met de vastgestelde oppervlaktes en slotenmarges, maar vorderde vergoeding van wettelijke rente en een toezegging voor toekomstige jaren.
Het College oordeelde dat het beroep tegen het besluit van 22 juni 2012 niet-ontvankelijk was omdat dit besluit was vervangen door het besluit van 14 juni 2013. Het beroep tegen het besluit van 14 juni 2013 werd ongegrond verklaard omdat de bedrijfstoeslag over latere jaren niet in deze procedure aan de orde was.
Verweerder werd opgedragen het betaalde griffierecht aan appellante te vergoeden. De vordering tot vergoeding van wettelijke rente werd als niet meer in geschil beschouwd na toezegging van verweerder.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 22 juni 2012 is niet-ontvankelijk, het beroep tegen het besluit van 14 juni 2013 ongegrond, en het griffierecht wordt aan appellante vergoed.