ECLI:NL:CBB:2014:253
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.E. Doolaard
- R.F.B. van Zutphen
- C.J. Waterbolk
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen afwijzing versnelde afschrijving immateriële vaste activa door NZa
Appellante, een radiotherapeutisch centrum, verzocht om versnelde afschrijving van de resterende boekwaarde van gesloopte panden te Heerlen als immateriële vaste activa (IVA) in de tariefbeschikking 2011. Verweerster, de Nederlandse Zorgautoriteit, wees dit af omdat de kosten niet voldeden aan de beleidsregeldefinitie van IVA, aangezien de posten als materiële of financiële vaste activa waren geclassificeerd.
Appellante betoogde dat de beleidsregel onredelijk was omdat instellingen die de posten als IVA hadden geboekt wel vergoeding ontvingen, en dat zij zich op het vertrouwensbeginsel kon beroepen vanwege eerdere toezeggingen. Tevens stelde zij dat bijzondere omstandigheden, zoals financiële nadelige gevolgen en vergunningseisen, tot afwijking van de beleidsregel noodzaakten.
Het College oordeelde dat de beleidsregel binnen de beleidsvrijheid van de minister valt en dat de strikte definitie van IVA niet onredelijk is. Het beroep op gewekt vertrouwen faalde omdat geen ondubbelzinnige toezegging was gedaan door verweerster. De aangevoerde bijzondere omstandigheden werden niet als zodanig erkend, mede omdat de financiële gevolgen reeds bij de beleidsregel waren betrokken en het vergunningrisico te laat was ingebracht.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de versnelde afschrijving gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de versnelde afschrijving immateriële vaste activa wordt ongegrond verklaard.