ECLI:NL:CBB:2013:CA3055
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Matiging boete wegens onjuiste gegevensmelding bij voorgenomen concentratie
Appellante heeft bij melding van een voorgenomen concentratie onjuiste en onvolledige gegevens verstrekt door het niet vermelden van twee dochterondernemingen actief op de beïnvloede markt. ACM legde hiervoor een boete van €468.000,- op wegens overtreding van artikel 73 Mededingingswet Pro. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de boete.
In hoger beroep betoogde appellante dat de onvolledige informatie tijdig was gecorrigeerd, dat de gegevens niet essentieel waren voor de beoordeling, en dat het niet-opzettelijke karakter van de overtreding tot matiging van de boete moest leiden. ACM handhaafde de boete en benadrukte het belang van juiste gegevens bij de melding.
Het College oordeelde dat ACM bevoegd was de boete op te leggen en dat het belang van artikel 73 Mw Pro, het waarborgen van effectief concentratietoezicht, door de overtreding aanzienlijk werd geschaad. Hoewel ACM de ernstfactor op 1,5 stelde, vond het College dat de beperkte impact van de overtreding onvoldoende was meegewogen en stelde de ernstfactor vast op 1. Hierdoor matigde het College de boete tot €312.000,-. Verder oordeelde het College dat de redelijke termijn niet was overschreden en veroordeelde ACM tot vergoeding van proceskosten en griffierechten.
Uitkomst: Boete gematigd van €468.000,- tot €312.000,- wegens beperkte impact van onjuiste gegevensmelding.