ECLI:NL:CBB:2013:CA3053
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- M.A. van der Ham
- B. Verwayen
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van budgetopschoning en subsidiëring van zorgopleidingen in ziekenhuizen
Appellanten, bestaande uit 25 zorginstellingen, hebben beroep ingesteld tegen een besluit van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) waarin hun bezwaren tegen individuele tariefbeschikkingen voor 2008 ongegrond werden verklaard. Deze tariefbeschikkingen betroffen een verlaging van instellingsbudgetten vanwege de invoering van een nieuwe financieringssystematiek voor zorgopleidingen, waarbij opleidingskosten werden overgeheveld naar een centraal opleidingsfonds.
Het geschil spitst zich toe op de rechtmatigheid van de budgetopschoning, met name voor de opleiding tot spoedeisende hulp (SEH)-arts, die formeel pas in 2008 werd erkend. Appellanten betogen dat de kosten van deze nieuwe opleiding niet in de reguliere budgetten waren opgenomen en dat de opschoning daardoor onrechtmatig is. Verweerster stelt dat de overheveling macrobudgettair neutraal plaatsvindt en dat ook voor de SEH-opleiding al eerder opleidingsactiviteiten en bekostiging plaatsvonden.
Het College oordeelt dat de minister een redelijke beleidskeuze heeft gemaakt door de overheveling macrobudgettair neutraal uit te voeren, waarbij ook opleidingen zonder specifieke budgetcomponent worden meegenomen. Het feit dat de SEH-opleiding formeel later erkend werd, doet hieraan niet af, omdat er al feitelijke opleidingsactiviteiten en bekostiging waren. De argumenten van appellanten over dubbele schoning en onzorgvuldigheid worden verworpen. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de zorginstellingen tegen de budgetopschoning voor zorgopleidingen wordt ongegrond verklaard.