ECLI:NL:CBB:2013:CA1015
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing last onder bestuursdwang wegens maatvoering troggen in varkenshouderij
Verzoekster, een varkenshouderij, kreeg op 17 januari 2013 lasten onder bestuursdwang opgelegd wegens overtredingen van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren, het Varkensbesluit en het Besluit welzijn productiedieren. De last betrof onder meer de maatvoering van de troggen, waarbij de lengte van de trog zodanig moet zijn dat alle varkens tegelijkertijd kunnen eten. Verzoekster voerde een voederingssysteem met een hoge voederfrequentie, dat volgens haar gelijkwaardig is aan onbeperkt voeren, en stelde dat haar systeem voldoet aan de geest van de regelgeving.
Verweerder handhaafde de last onder bestuursdwang, stellende dat de voederwijze niet voldoet aan artikel 11, tweede lid, Varkensbesluit en dat de dierenwelzijnsbelangen dit vereisen. Verzoekster stelde dat het voorschrift achterhaald is en dat de handhaving onevenredig is vanwege de bedrijfseconomische gevolgen en het feit dat haar varkens in goede conditie zijn zonder agressie.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het spoedeisende belang aanwezig is, maar dat de rechtmatigheid van de last onder bestuursdwang vragen oproept die beter in een bodemprocedure kunnen worden beantwoord. Gezien het ontbreken van een acute dierenwelzijnsnoodzaak en de grote investeringen die de maatregelen vergen, weegt het belang van verzoekster bij schorsing zwaarder dan het belang van verweerder. Daarom werd de last onder bestuursdwang geschorst tot uitspraak in de bodemzaak.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van verzoekster.
Uitkomst: De last onder bestuursdwang betreffende de maatvoering van de troggen wordt geschorst tot uitspraak in de bodemprocedure.