ECLI:NL:CBB:2013:CA0804
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over ongeschiktverklaring vlees karkassen en recht op contra-expertise
Appellant heeft beroep ingesteld tegen besluiten waarbij het vlees van rundvleeskarkassen ongeschikt werd verklaard voor menselijke consumptie door een officiële dierenarts van de Voedsel- en Warenautoriteit (VWA). De karkassen werden afgekeurd vanwege een afwijkende uiengeur, vastgesteld via kook- en braadproeven.
Appellant betwistte de bevoegdheid van de dierenarts en de juistheid van de keuringen, stelde dat hij geen afwijkende geur had waargenomen en dat hij geen contra-expertise mocht laten uitvoeren. Tevens stelde hij schade te hebben geleden doordat karkassen ondanks toezegging werden vernietigd.
Het College oordeelde dat de officiële dierenarts bevoegd was en dat de inhoud van de keuringsbesluiten niet zonder nadere onderbouwing ter discussie kon worden gesteld. Wel werd geoordeeld dat het weigeren van een contra-expertise onzorgvuldig was en in strijd met de Awb. Het College droeg verweerder op het besluit te herstellen met een deugdelijke motivering over het ontbreken van een contra-expertise, waarna het beroep definitief zal worden beslist.
Uitkomst: Het College draagt op het besluit te herstellen wegens onzorgvuldigheid omtrent contra-expertise, waarna het beroep definitief wordt beslist.