ECLI:NL:CBB:2013:BZ7854
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over intrekking perceelsoppervlaktes bedrijfstoeslag 2010 na controle ter plaatse
Appellant, een landbouwer, had voor de bedrijfstoeslag 2010 een oppervlakte van 221,34 hectare opgegeven. Verweerder keurde bij het primaire besluit een deel van de oppervlakte af en legde kortingen op. Bij het bestreden besluit werd de afgekeurde oppervlakte verder verhoogd en de bedrijfstoeslag verlaagd.
Appellant wilde zijn perceelsoppervlaktes na ontvangst van een e-bopbrief in het najaar van 2010 verlagen, maar verweerder weigerde dit omdat er al controles ter plaatse waren uitgevoerd in het kader van de (P)SAN. Verweerder baseerde zich op artikel 25, tweede lid, van Verordening (EG) nr. 1122/2009 om de bijstelling niet toe te staan.
Het College oordeelt dat de (P)SAN-controle weliswaar informatie kan opleveren die relevant is voor de bedrijfstoeslag, maar dat het intrekkingsverbod na een controle ter plaatse alleen geldt indien onregelmatigheden zijn vastgesteld. Omdat verweerder geen onregelmatigheden heeft aangetoond, was het niet toegestaan om de bijstelling te weigeren. Het bestreden besluit berust op een onjuiste uitleg van artikel 25, tweede lid, van Verordening (EG) nr. 1122/2009.
Het College draagt verweerder op het besluit binnen vier weken te herstellen en in overeenstemming te brengen met de genoemde verordening. In de einduitspraak zal ook worden beslist over de overige beroepsgronden, waaronder de opgelegde extra korting en proceskosten.
Uitkomst: Het College draagt verweerder op het bestreden besluit binnen vier weken te herstellen conform artikel 25 van Verordening (EG) nr. 1122/2009.