ECLI:NL:CBB:2013:BY9668
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aansluittarief en toepassing kostenveroorzakingsbeginsel bij aansluiting windpark
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om de uitleg van artikel 27, tweede lid, aanhef en onder d, van de Elektriciteitswet 1998, betreffende het recht op aansluiting op het dichtstbijzijnde punt in het net en de toepassing van het kostenveroorzakingsbeginsel bij het aansluittarief.
Appellante, exploitant van een windpark, stelt dat het aansluittarief onjuist is berekend omdat het niet is gebaseerd op het technisch dichtstbijzijnde punt met het bij haar aansluiting behorende spanningsniveau, maar op een verder gelegen gestandaardiseerd aansluitpunt. NMa en Delta verdedigen dat het aansluittarief juist is gebaseerd op de gestandaardiseerde aansluitpunten zoals omschreven in de TarievenCode Elektriciteit (TCE), die onderdeel uitmaken van de wettelijke regeling.
Het College oordeelt dat het begrip 'dichtstbijzijnde punt in het net' moet worden uitgelegd als het dichtstbijzijnde technisch geschikte gestandaardiseerde aansluitpunt binnen het spanningsniveau behorend bij de aansluiting. Dit volgt uit de wetsgeschiedenis en de wens van de wetgever om de bestaande systematiek van gereguleerde aansluittarieven, inclusief de standaardaansluitingen, onverkort te handhaven. Daarnaast erkent het College dat bij standaardaansluitingen tot 10 MVA een afwijking van het kostenveroorzakingsbeginsel geldt, hetgeen ook in de wetsgeschiedenis is verankerd ter stimulering van duurzame energieproductie.
De klacht van appellante wordt ongegrond verklaard omdat Delta het aansluittarief conform de wettelijke bepalingen en de TCE heeft vastgesteld. Ook de afwijking van de aansluiting van appellante van een zuivere standaardaansluiting (enkelvoudige kabel in plaats van n-1 veilige voeding) leidt niet tot een ander aansluittarief of recht op aansluiting op een ander punt in het net.
Het beroep wordt afgewezen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van het windpark tegen het aansluittarief is ongegrond verklaard; het tarief is correct gebaseerd op het dichtstbijzijnde gestandaardiseerde aansluitpunt.