ECLI:NL:CBB:2013:181
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen kennelijk niet-ontvankelijk verklaring beroep GLB-inkomenssteun 2011
Indiener heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken over de bedrijfstoeslag 2011, maar het College verklaarde dit beroep kennelijk niet-ontvankelijk omdat er geen procesbelang werd aangenomen. Tegen deze uitspraak werd verzet gedaan en een zitting aangevraagd, waarop indiener niet verscheen.
Het College overweegt dat het begrip "kennelijk" betekent dat er buiten redelijke twijfel geen procesbelang bestaat. Indiener stelde dat er wel procesbelang was, mede omdat in een eerdere zaak over 2009 wel procesbelang werd aangenomen en hij de juridische status van de GPS-meting beoordeeld wil zien.
Het College oordeelt dat het ontbreken van procesbelang terecht is vastgesteld, omdat indiener reeds de maximale toeslag heeft ontvangen en een hogere oppervlakte geen hogere toeslag oplevert. De verschillen tussen 2009 en 2011 rechtvaardigen een andere benadering. Het belang bij beoordeling van de GPS-meting is onvoldoende actueel om procesbelang aan te nemen.
Daarom blijft de eerdere uitspraak in stand en wordt het verzet ongegrond verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet tegen de kennelijk niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard.