ECLI:NL:CBB:2012:BY6200
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- J.L.W. Aerts
- E.R. Eggeraat
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Beoordeling correctie S&O-verklaring en mededeling gerealiseerde uren over kalenderjaar 2009
Appellant heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie waarin correcties zijn aangebracht op de S&O-verklaringen over het kalenderjaar 2009. De correcties betroffen het aantal gerealiseerde S&O-uren per aanvraagperiode, waarbij verweerder de door appellant opgegeven uren heeft gecorrigeerd omdat het schuiven van uren tussen verschillende aanvraagperioden niet is toegestaan.
De kern van het geschil betreft de uitleg van artikel 21 en Pro 24 van de Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen (Wva) en de vraag of appellant terecht is gecorrigeerd op basis van de per aanvraagperiode gerealiseerde uren. Appellant stelde dat hij over het gehele kalenderjaar 1400 uren had besteed en dat hij niet was geïnformeerd over het verbod op het doorschuiven van uren tussen periodes.
Het College oordeelde dat de correctie-S&O-verklaring conform de Wva is, omdat de wet vereist dat het aantal uren per aanvraagperiode overeenkomt met het aantal toegekende uren. Het argument van appellant dat hij op het totaal van 1400 uren zou moeten worden afgerekend, faalde. Ook het betoog over onvoldoende voorlichting werd verworpen, omdat appellant erop mocht vertrouwen dat hij de relevante regelgeving kende en expliciet was gewezen op het schuiven van uren binnen één aanvraagperiode, niet tussen periodes.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de correctie-S&O-verklaring over 2009 wordt ongegrond verklaard.