ECLI:NL:CBB:2011:BU5234
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- B. Verwayen
- W.A.J. van Lierop
- J.A.M. van den Berk
- Rechtspraak.nl
Oordeel over rapportage voorschot fractieondersteuning en tuchtrechtelijke maatregel accountant
In deze zaak stond de rapportage van een accountant over de besteding van subsidies aan een gemeentelijke fractie centraal. De accountant had in zijn rapportage melding gemaakt van een voorschot van €4.950,- dat aan de fractievoorzitter was betaald en later was terugbetaald. De raad van tucht oordeelde dat de wijze van rapporteren in strijd was met artikel 11 van Pro de Gedrags- en beroepsregels registeraccountants 1994 (GBR-1994), omdat ten onrechte de indruk werd gewekt dat het voorschot tot de subsidiabele kosten behoorde.
De accountant stelde dat het voorschot niet als subsidiabele uitgave mocht worden gerapporteerd en dat hij daarom melding moest maken van het voorschot. Het College erkende dat het voorschot niet subsidiabel was en dat de accountant terecht melding had gemaakt. Echter, het College oordeelde dat de accountant onvoldoende toelichting had gegeven in zijn rapportage, waardoor een onjuiste indruk kon ontstaan over de verantwoording van de kosten.
Het College vernietigde daarom de opgelegde maatregel van schriftelijke berisping door de raad van tucht, omdat de grondslag voor een verzwaarde sanctie ontbrak. In plaats daarvan legde het College een maatregel van schriftelijke waarschuwing op aan de accountant wegens het niet voorkomen van misverstanden in de rapportage. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke en volledige rapportage door accountants bij het verantwoordingsproces van subsidies.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de maatregel van schriftelijke berisping wordt vervangen door een schriftelijke waarschuwing wegens onvoldoende toelichting in de rapportage.