ECLI:NL:CBB:2011:BR2934
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kennisneming stukken bij weigering exploitatievergunning speelautomatenhallen
De zaak betreft een bezwaar tegen het besluit van de burgemeester van Amsterdam om de exploitatievergunningen voor twee speelautomatenhallen niet te verlengen. Verzoekers A hebben bezwaar gemaakt en een voorlopige voorziening gevraagd bij de voorzieningenrechter. De burgemeester beperkte de kennisneming van bepaalde stukken tot de voorzieningenrechter op grond van artikel 8:29 Awb Pro.
Het College beoordeelde welke stukken terecht waren beperkt in kennisneming. De stukken betroffen adviezen van het Bureau bibob en correspondentie over de adviseringstermijnen. Het College oordeelde dat de adviezen en de correctie daarvan terecht beperkt waren, behalve ten aanzien van verzoeker A die al inzage had gehad in het kader van de zienswijze. De beperking van kennisneming van de brieven over de termijn van advisering was niet gerechtvaardigd.
Het College besloot verzoeker A te verzoeken schriftelijk aan te geven of hij instemt met uitspraak mede op basis van de bibob-adviezen. Tevens werden enkele brieven teruggezonden aan de burgemeester om alsnog te beslissen over indiening. De beslissing betreft een zorgvuldige belangenafweging tussen transparantie en bescherming van vertrouwelijke informatie.
Uitkomst: Het College oordeelt dat beperking van kennisneming van bepaalde bibob-adviezen gerechtvaardigd is, behalve ten aanzien van verzoekers, en dat beperking van kennisneming van brieven over adviseringstermijnen niet gerechtvaardigd is.