ECLI:NL:CBB:2011:BP3817
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- J.L.W. Aerts
- C.J. Borman
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling boeteoplegging bouwfraude kartel in GWW-sector
Deze zaak betreft het hoger beroep van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam die een opgelegde boete aan Aannemersbedrijf A B.V. en C Beheer B.V. matigde in het kader van het bouwfraudeonderzoek.
Het geschil draait om de hoogte van de boete wegens overtreding van artikel 6 Mededingingswet Pro en artikel 81 EG Pro-verdrag, door deelname aan een systeem van vooroverleg bij aanbestedingen in de grond-, weg- en waterbouwsector (GWW) tussen 1998 en 2001. De rechtbank had de boete gehalveerd op grond van de beperkte mate van bewezen deelname aan het vooroverleg.
Het College stelt vast dat de boetesystematiek van NMa, gebaseerd op de aanbestedingsomzet van 2001, niet onredelijk is en aansluit bij de aard van het structuurkartel. Het College oordeelt dat de mate van betrokkenheid weliswaar een rol kan spelen, maar dat in deze zaak voldoende bewijs bestaat van structurele deelname aan het verboden systeem. Daarom is matiging van de boete niet gerechtvaardigd.
Het College vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep tegen het boetebesluit van NMa ongegrond, waarmee de oorspronkelijke boeteoplegging in stand blijft.
Uitkomst: Het College vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep tegen het boetebesluit van NMa ongegrond.