ECLI:NL:CBB:2010:BO0866
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- B. Verwayen
- E.R. Eggeraat
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boetebesluit bouwfraude na hoger beroep tegen NMa
Het geschil betreft een hoger beroep tegen een boetebesluit van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) aan ondernemingen die deelnamen aan een systeem van verboden mededingingsafspraken in de bouwsector, vastgesteld in het kader van het bouwfraudeonderzoek. De boete is opgelegd wegens overtreding van artikel 6 van Pro de Mededingingswet en artikel 81 EG Pro-verdrag. De NMa hanteerde een versnelde procedure met boetevermindering van 15% voor deelnemers die afstand deden van bepaalde rechten, waaronder het betwisten van feiten en juridische beoordeling.
Appellanten betwistten onder meer de toepassing van de versnelde procedure in bezwaar- en beroepsfase, de hoogte en grondslag van de boete, de mate van betrokkenheid, de gelijkheid van behandeling met andere zaken, en de toepassing van clementievoorwaarden. Het College oordeelt dat de versnelde procedure rechtmatig is toegepast en dat appellanten bewust afstand deden van rechten in ruil voor boetevermindering. De keuze van de NMa voor de aanbestedingsomzet 2001 als boetegrondslag is niet onredelijk en passend bij de aard van de overtreding en de versnelde procedure.
Verder is vastgesteld dat appellanten deelname aan het systeem van vooroverleg niet betwisten en dat de mate van betrokkenheid slechts in uitzonderlijke gevallen tot aanpassing van de boete kan leiden, hetgeen appellanten onvoldoende hebben onderbouwd. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat de zaak wezenlijk verschilt van andere rapporten. Ten aanzien van clementie is geoordeeld dat NMa het begrip additionele waarde conform de richtsnoeren heeft toegepast en dat appellanten bewust geen tijdig clementieverzoek hebben ingediend. De fiscuskorting is terecht niet toegekend aan appellanten. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het boetebesluit van de NMa bevestigd.