ECLI:NL:CBB:2009:BH4537
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- W.E. Doolaard
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bedrijfstoeslag 2006 wegens te late indiening en ontbreken steunaanvraag
Appellante diende op 9 mei 2006 een gecombineerde opgave in zonder aan te geven dat zij haar toeslagrechten wilde gebruiken, waardoor dit niet als een steunaanvraag werd beschouwd. Pas op 2 augustus 2007 verzocht zij alsnog om uitbetaling van de bedrijfstoeslag 2006, wat na de uiterste indieningsdatum van 31 mei 2006 was.
Verweerder wees de aanvraag af op grond van artikel 21 van Pro Verordening (EG) nr. 796/2004 vanwege de termijnoverschrijding van meer dan 25 kalenderdagen. Appellante stelde dat zij onterecht niet was gewaarschuwd over het ontbreken van het kruisje en dat sprake was van een kennelijke fout, maar het College oordeelde dat het de verantwoordelijkheid van de aanvrager is om duidelijk te maken of zij een uitbetaling wenst.
Het beroep op overmacht faalde omdat appellante onvoldoende aannemelijk maakte dat de te late indiening hierdoor werd veroorzaakt. Het College concludeerde dat de Europese regelgeving uitputtend bepaalt wanneer een aanvraag te laat is en dat de belangenafweging beperkt is. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard zonder toekenning van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bedrijfstoeslag 2006 wordt ongegrond verklaard vanwege te late indiening en ontbreken van een steunaanvraag.