ECLI:NL:CBB:2008:BG8912
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- E.R. Eggeraat
- J.L.W. Aerts
- H.A.B. van Dorst-Tatomir
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing boete wegens overtreding rookvrije werkplek Tabakswet
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om het hoger beroep van de minister tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam, waarin de rechtbank een boete van €300,- aan A wegens overtreding van artikel 11a, eerste lid, van de Tabakswet heeft vernietigd. De boete was opgelegd omdat twee rookabri’s op het bedrijfsterrein van A niet volledig afgesloten waren, waardoor de minister meende dat werknemers hinder of overlast van tabaksrook ondervonden.
De rechtbank oordeelde dat de norm in artikel 11a een resultaatsverplichting inhoudt: de werkgever moet maatregelen treffen zodat werknemers hun werkzaamheden kunnen verrichten zonder hinder of overlast van roken door anderen. De enkele constatering dat de rookabri’s niet volledig afgesloten waren, is onvoldoende om te bewijzen dat sprake is van hinder of overlast. Het proces-verbaal vermeldde geen organoleptisch waarneembare hinder of overlast en er was geen aanvullend onderzoek gedaan naar blootstelling aan tabaksrook.
De minister voerde in hoger beroep aan dat het gebruik van de rookabri’s door medewerkers de mogelijkheid van hinder of overlast creëert en dat wetenschappelijk onderzoek aantoont dat ventilatiesystemen tabaksrook niet volledig kunnen elimineren. A betwistte dit en stelde dat de minister onvoldoende bewijs leverde dat de resultaatsverplichting niet is nagekomen. Het College concludeerde dat de minister niet heeft aangetoond dat A de norm heeft overtreden, mede omdat onvoldoende is vastgesteld dat werknemers daadwerkelijk hinder of overlast ondervonden.
Het College bevestigt de uitspraak van de rechtbank en veroordeelt de minister in de proceskosten van A. De opgelegde boete wordt herroepen omdat niet is komen vast te staan dat A artikel 11a, eerste lid, Tabakswet heeft overtreden.
Uitkomst: De opgelegde boete aan A wegens overtreding van artikel 11a Tabakswet wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van hinder of overlast.