ECLI:NL:CBB:2008:BG4442
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- M.A. van der Ham
- Rechtspraak.nl
Intrekking varkensrechten met terugwerkende kracht onrechtmatig verklaard
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw tot intrekking van geregistreerde varkensrechten met ingang van 1 september 1998. De intrekking was gebaseerd op het oordeel dat het samenwerkingsverband tussen appellanten niet als het desbetreffende bedrijf kon worden aangemerkt volgens artikel 9 Bhv Pro.
Het College stelde vast dat het samenwerkingsverband pas na 10 juli 1997 juridisch vorm kreeg en dat de milieuvergunning niet aan het gezamenlijke bedrijf was verleend. Wel oordeelde het College dat appellanten geen verwijt treft omtrent de onjuiste registratie van de rechten.
Vanwege de ernstige gevolgen van terugwerkende kracht, waaronder mogelijke strafvervolging, oordeelde het College dat de intrekking niet met terugwerkende kracht mocht plaatsvinden. Het bepaalde dat de intrekking ingaat op 25 januari 2008, zes weken na de beslissing op bezwaar.
Daarnaast werd het griffierecht aan appellanten vergoed en verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten. Het beroep werd gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd voor zover het de terugwerkende kracht betreft.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de intrekking van de varkensrechten wordt vastgesteld per 25 januari 2008 zonder terugwerkende kracht.