ECLI:NL:CBB:2008:BF0431
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- E.R. Eggeraat
- M.A. van der Ham
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing maximale subsidie vollasturen vergistingsinstallatie
Appellante, A Holding B.V., heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Minister van Economische Zaken waarin de subsidie voor duurzame elektriciteitsproductie uit een biomassavergistingsinstallatie werd toegekend met een maximum van 7.000 vollasturen per jaar. Appellante stelt dat de installatie technisch 8.200 vollasturen kan draaien en dat de gehanteerde maximering onjuist is.
De Minister had aanvankelijk de subsidieaanvraag afgewezen wegens het niet tijdig aanvragen van een bouwvergunning, maar dit besluit later herroepen en de subsidie toegekend met de genoemde maximering. Appellante voerde aan dat de termijn voor bouw en levering niet realistisch is en dat de maximering niet in de regeling is vastgelegd.
Het College oordeelt dat de maximering van 7.000 vollasturen niet uit de regeling volgt en dat het aanvraagformulier geen normstellende functie heeft. De Minister had moeten beoordelen of de door appellante opgegeven hogere vollasturen aannemelijk zijn. Door dit na te laten is het besluit onvoldoende gemotiveerd en strijdig met de Algemene wet bestuursrecht.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en de Minister opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt de Minister veroordeeld in de proceskosten van appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het subsidiebesluit vernietigd wegens onvoldoende motivering over de maximale vollasturen.