ECLI:NL:CBB:2007:BB3724
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- B. Verwayen
- M.A. van der Ham
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over vernietiging melkpoeder met chlooramfenicolresiduen
Appellante, F. Uhrenholt Dairy A/S, maakte bezwaar tegen het besluit van de Minister van Landbouw om acht partijen melkpoeder te vernietigen vanwege de aanwezigheid van residuen van chlooramfenicol, een verboden stof volgens Europese regelgeving.
De zaak spitste zich toe op de vraag of de vernietiging rechtmatig was, mede gelet op de onderzoeksresultaten van zowel Duitse veterinaire autoriteiten als het Nederlandse RIKILT, en de toepasselijkheid van Europese verordeningen en richtlijnen. Appellante betwistte onder meer de gehanteerde analysemethoden, de toepasselijkheid van de nultolerantie en de hoogte van de actiegrens.
Het College oordeelde dat de primaire beslissing gebaseerd was op juiste gronden, dat de onderzoeksresultaten betrouwbaar waren en dat de Europese regelgeving duidelijk voorschrijft dat producten met residuen van stoffen uit bijlage IV, waaronder chlooramfenicol, vernietigd moeten worden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit tot vernietiging bevestigd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot vernietiging van melkpoeder met chlooramfenicolresiduen is ongegrond verklaard.