ECLI:NL:CBB:2007:BB3637
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- C.J. Borman
- F. Stuurop
- D. Roemers
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over oud-voor-nieuw verplichtingen binnenvaartvloot na hermeting schip
Appellante, de huidige eigenaar van het binnenschip Amistade, betwistte de aan haar opgelegde oud-voor-nieuw verplichtingen die voortvloeiden uit een hermeting van het schip waarbij het laadvermogen hoger werd vastgesteld dan bij de oorspronkelijke onderijking. Verweerder had deze verplichtingen opgelegd op grond van de Wet capaciteitsbeheersing binnenvaartvloot en de Europese Raads- en Commissieverordeningen.
Het geschil draaide om de vraag of de verplichtingen terecht aan appellante konden worden opgelegd, ondanks dat de oorspronkelijke verplichtingen aan de vorige eigenaar waren opgelegd en het schip in 1999 al oud-voor-nieuw verplichtingen kende. Het College oordeelde dat de verplichtingen ook aan de opvolgend eigenaar kunnen worden opgelegd wanneer tijdens de looptijd van de verordening extra laadvermogen aan de vloot wordt toegevoegd.
Verder werd het verzoek van appellante om schadevergoeding afgewezen omdat zij te laat had betaald, waardoor de Staat rentevoordeel had. Ook werd geoordeeld dat de duur van de procedure niet in strijd was met het recht op een redelijke termijn. Het beroep werd ongegrond verklaard, maar verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellante.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de oud-voor-nieuw verplichtingen is ongegrond verklaard en verweerder is veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.