ECLI:NL:CBB:2007:AZ9922
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen registratie diergeneesmiddel Enrox
Verzoekster, houder van het diergeneesmiddel Baytril met dezelfde werkzame stof als Enrox, verzocht om een voorlopige voorziening tegen de registratie van Enrox door de Minister van Landbouw. Zij stelde dat de registratie onrechtmatig was vanwege parallelle registraties in andere lidstaten en onjuiste toepassing van de wederzijdse erkenningsprocedure.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoekster een spoedeisend belang had vanwege mogelijk onherstelbaar marktaandeelverlies. De beoordeling van het besluit toonde echter dat de registratie in Ierland als referentielidstaat correct was en dat Nederland deze registratie terecht erkende. De stelling dat de procedure onjuist was vanwege parallelle erkenningsprocedures werd verworpen, omdat de procedure met Ierland als referentielidstaat eerder was gestart.
Ook het ontbreken van melding van eerdere registraties door Krka in het aanvraagformulier leidde niet tot weigering, omdat de wederzijdse erkenningsprocedure centraal staat en harmonisatie beoogt. De voorzieningenrechter concludeerde dat het bestreden besluit waarschijnlijk in stand blijft en wees het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de registratie van het diergeneesmiddel Enrox wordt afgewezen.