ECLI:NL:CBB:2006:AY7017
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging subsidiebesluit duurzame energie wegens onzorgvuldige beoordeling indirecte energieverdienste
Appellante, Biologische Industriële Reststoffenverwerking B.V., heeft subsidie aangevraagd voor een innovatief demonstratieproject gericht op industriële vergisting van reststromen met sanitatievoorziening. De Minister van Economische Zaken wees de subsidie af omdat het subsidieplafond was bereikt door hoger gerangschikte aanvragen.
De Adviescommissie duurzame energie had de indirecte energieverdienste van het project lager vastgesteld dan appellante had opgegeven, omdat zij alleen rekening hield met categorie 2 en 3 reststromen en niet met andere biologisch-organische reststromen. De Commissie vond de vergisting van die andere reststromen niet innovatief, hoewel zij het sanitatieproces wel als innovatief beoordeelde.
Het College oordeelt dat deze beoordeling innerlijk tegenstrijdig is: als sanitatie als innovatief wordt gezien, moet de energie uit die toepassing ook meetellen bij de indirecte energieverdienste. Daarnaast was de Commissie uitgegaan van een onzorgvuldig vastgesteld aanbod van reststromen, wat leidde tot een onjuiste toepassing van de rangschikkingscriteria.
Daarom vernietigt het College het besluit en draagt het de Minister op opnieuw te beslissen met een zorgvuldige motivering. Tevens veroordeelt het College de Staat tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan appellante.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het subsidiebesluit wordt vernietigd wegens onzorgvuldige beoordeling van de indirecte energieverdienste.