ECLI:NL:CBB:2006:AY6958
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Beoordeling weigering slachtpremie wegens ontbreken tijdige deelnamemelding na bedrijfsopsplitsing
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw om geen slachtpremie toe te kennen voor runderen geslacht tussen 1 januari 2003 en 4 juni 2004. Het geschil draait om de vraag of appellante, na het splitsen van een samenwerkingsverband in afzonderlijke bedrijven, als nieuwe producent moest worden aangemerkt en daarmee een nieuwe deelnamemelding moest indienen.
Het College stelt vast dat het samenwerkingsverband E, F, G tot 1 januari 2003 bestond uit twee boerderijen op verschillende locaties. Na opsplitsing exploiteert appellante zelfstandig een van deze bedrijfsonderdelen. Volgens de Europese regelgeving kan alleen een producent in de zin van de verordening aanspraak maken op slachtpremie. Het College concludeert dat appellante als nieuwe producent moet worden gezien en daarom een nieuwe deelnamemelding had moeten doen.
Omdat appellante pas op 4 juni 2004 een deelnamemelding indiende, was het slachthuis niet gemachtigd om eerder slachtpremieaanvragen namens haar in te dienen. Het College oordeelt dat de Minister terecht de premie heeft geweigerd en dat er geen verplichting bestond om appellante actief te informeren over de noodzaak van een nieuwe deelnamemelding. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de weigering van slachtpremie gehandhaafd.