ECLI:NL:CBB:2005:AU9321
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging registratie en heffing voor onderneming actief in niet-constructieve afbouw
Appellante, een dochtermaatschappij van een Frans moederbedrijf, voerde beroep aan tegen de registratie door het Hoofdbedrijfschap Afbouw en Onderhoud en de opgelegde heffing over 2003. Zij stelde dat zij slechts verplaatsbare, kant-en-klare wanden en plafonds leverde en dat montage geen wezenlijk onderdeel van haar werkzaamheden was, waardoor geen sprake zou zijn van aanneming van werk.
Het College oordeelde dat appellante zich contractueel verplicht tot levering en plaatsing van systeemwanden en systeemplafonds, waarbij montage een wezenlijk element is. Hoewel het technische werk door onderaannemers wordt verricht, houdt appellante de regie en begeleidt zij de uitvoering, wat valt onder bedrijfsmatige activiteiten van niet-constructieve afbouw.
Het College bevestigde dat appellante terecht is geregistreerd en dat de heffing overeenkomstig de verordening en het Instellingsbesluit is opgelegd. De stelling van appellante dat de heffing leidt tot oneerlijke concurrentie en strijd met Europese regelgeving werd niet nader onderbouwd en verworpen. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de registratie en heffing worden bevestigd.