ECLI:NL:CBB:2005:AU8619
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- H.C. Cusell
- M.A. van der Ham
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Beoordeling meldingsplicht bij uitwinning pandrecht onder Wet toezicht effectenverkeer 1995
De Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) stelde in hoger beroep dat A de uitwinning van het pandrecht door B op certificaten van aandelen C had bewerkstelligd en daarmee de meldingsplicht uit artikel 46b van de Wet toezicht effectenverkeer 1995 had geschonden. De rechtbank had het beroep van A gegrond verklaard en het boetebesluit vernietigd, stellende dat geen sprake was van een doelbewust handelen van A dat de verkoop door B had veroorzaakt.
Het College van Beroep voor het bedrijfsleven heeft het geschil beoordeeld aan de hand van de kredietovereenkomst en de verklaringen van betrokken bestuurders. Uit de feiten bleek dat een 'gentlemen’s agreement' bestond tussen A, D en B om bij onderdekking eerst andere zekerheden aan te spreken voordat tot verkoop van certificaten zou worden overgegaan. A mocht erop vertrouwen dat B zich aan deze afspraak zou houden en heeft bovendien telefonisch contact opgenomen om de verkopen te laten staken.
Het College concludeerde dat A niet opzettelijk of bewust de verkoop door B had bewerkstelligd en dat de term 'bewerkstelligen' in artikel 46b Wte niet zonder meer een schuldvereiste uitsluit, maar dat in dit geval geen verwijtbaarheid kon worden vastgesteld. De uitwinning van het pandrecht door B was niet voorzienbaar of beïnvloedbaar door A. Daarom is het hoger beroep van AFM ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Tot slot veroordeelde het College AFM in de proceskosten van A, vastgesteld op € 644,-.
Uitkomst: Het hoger beroep van AFM is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.