ECLI:NL:CBB:2005:AU7834
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.C. Cusell
- M.A. van der Ham
- F.W. du Marchie Sarvaas
- Rechtspraak.nl
Tuchtzaak tegen registeraccountants wegens nalaten hoor en wederhoor bij financieel onderzoek
In deze tuchtzaak stond de klacht van een voormalig directeur tegen twee registeraccountants (RA1 en RA2) centraal, die onderzoek deden naar de financiële verhouding tussen de directeur en zijn werkgever R. De klacht betrof onder meer het ontbreken van onpartijdigheid, het nalaten van hoor en wederhoor, het ontbreken van een deugdelijke grondslag van de rapporten en het schenden van de eer van de beroepsgroep.
Het College stelde vast dat RA2 niet verantwoordelijk was voor het rapport van 15 juli 2002, ondanks dat zijn naam daarop stond, en vernietigde de schorsing die hem was opgelegd. RA1 bleef verantwoordelijk voor het conceptrapport van 28 augustus 2002. Het College oordeelde dat RA1 ernstig tekort was geschoten door geen hoor en wederhoor toe te passen, waardoor het conceptrapport een onvolledige en eenzijdige grondslag had.
Hoewel RA1 erkende de klacht deels, vond het College de opgelegde schorsing te zwaar en legde in plaats daarvan een schriftelijke berisping op. De overige klachten werden ongegrond verklaard. De zaak illustreert het belang van zorgvuldigheid en het toepassen van hoor en wederhoor door registeraccountants bij rapportages die grote belangen raken.
Uitkomst: Het College vernietigt de schorsing van RA2 en legt RA1 een schriftelijke berisping op wegens het niet toepassen van hoor en wederhoor.