ECLI:NL:CBB:2005:AU4027
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- H.C. Cusell
- B. Verwayen
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen concessieverlening en personeelsopgave bij aanbesteding openbaar vervoer Noord-Holland Noord
Arriva stelde beroep in tegen besluiten van Gedeputeerde Staten (GS) Noord-Holland inzake de concessieverlening voor openbaar vervoer in Noord-Holland Noord. Kern van het geschil betrof de personeelsopgave waarop de aanbesteding was gebaseerd en het buiten beschouwing laten van de offerte van Arriva wegens afwijkingen van het bestek.
De personeelsopgave van Connexxion, ondersteund door een verklaring van KPMG, vermeldde 460 fte’s, terwijl Arriva haar aanbieding baseerde op 345 fte’s. GS oordeelden dat de offerte van Arriva niet bestekconform was omdat zij niet het in het bestek genoemde personeelsbestand had overgenomen. Arriva voerde aan dat haar berekeningswijze besteksconform was en dat de personeelsopgave onzorgvuldig en misleidend was opgesteld.
Het College overwoog dat de afwijking van Arriva niet was toegestaan en dat GS zorgvuldig hadden gehandeld door de personeelsopgave door een onafhankelijke deskundige te laten toetsen. De verklaring van KPMG werd als betrouwbaar beschouwd. Het beroep werd ongegrond verklaard omdat Arriva geen belang had bij het beroep en haar offerte niet voldeed aan de eisen van het bestek.
Het College concludeerde dat de besluiten van GS rechtmatig waren en dat geen proceskostenvergoeding werd toegekend.
Uitkomst: Het beroep van Arriva wordt ongegrond verklaard en de concessieverlening aan Connexxion bevestigd.