ECLI:NL:CBB:2005:AT6091
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- R.R. Winter
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking voorlopige voorziening bij geschil over aanwezigheid kansspelautomaten
Verzoeker had een vergunning aangevraagd voor het aanwezig hebben van twee kansspelautomaten in zijn inrichting, welke door de burgemeester van X werd afgewezen. Verzoeker maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening toen verweerder niet tijdig op het bezwaarschrift besliste. Tijdens de procedure werd handhavend opgetreden door de politie, wat leidde tot financiële schade voor verzoeker. Verzoeker trok daarop het verzoek om voorlopige voorziening in en verzocht om proceskostenvergoeding.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de termijn voor beslissing op het bezwaarschrift nog niet was verstreken op het moment van het verzoek om voorlopige voorziening, mede omdat partijen afspraken hadden gemaakt over een redelijke termijn voor reactie op het hoorzittingsverslag. Het handhavend optreden van de politie werd niet aan verweerder toegerekend. Daarom was er geen sprake van een tegemoetkoming in de zin van artikel 8:75a Awb en was het verzoek om proceskostenvergoeding ongegrond.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om proceskostenveroordeling en terugbetaling van het griffierecht af en verklaarde het verzoek kennelijk ongegrond. De uitspraak werd gedaan door mr. R.R. Winter op 3 mei 2005.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling en terugbetaling van het griffierecht wordt afgewezen.