ECLI:NL:CBB:2004:AR8781
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Voorlopige voorziening
- H.C. Cusell
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen toelating bestrijdingsmiddelen Tanalith E 3485 en End Seal+
Verzoekers maakten bezwaar tegen de besluiten van 14 mei 2004 en 23 juli 2004 tot toelating van de bestrijdingsmiddelen Tanalith E 3485 en End Seal+, waarbij wijzigingen in de samenstelling waren doorgevoerd. Verzoekers vroegen om voorlopige voorzieningen om deze besluiten te schorsen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat slechts een deel van de verzoekers, waaronder enkele bewoners nabij het houtimpregneerbedrijf, een rechtstreeks en voldoende individueel belang had bij het besluit tot toelating van Tanalith E 3485. Voor de overige verzoekers, waaronder een milieuorganisatie, was dit onvoldoende aannemelijk.
De inhoudelijke beoordeling van het besluit tot toelating van Tanalith E 3485 leidde tot de conclusie dat de wijziging van de samenstelling geen negatieve effecten op mens, dier en milieu oplevert en dat de etikettering voldeed aan de toen geldende regelgeving. Voor het middel End Seal+ werd een vergelijkbare beoordeling gemaakt. De verzoeken om voorlopige voorziening werden afgewezen, maar het betaalde griffierecht werd terugbetaald aan verzoekers.
Uitkomst: De verzoeken om voorlopige voorziening tegen de toelating van Tanalith E 3485 en End Seal+ worden afgewezen.